zondag 28 november 2010

Vrijmetselarij: hoe word je lid?



Even dacht ik dat de titel van dit artikeltje zou moeten luiden: "hoe word je vrijmetselaar".
Die gedachte heb ik laten varen. Met toetreding tot de vrijmetselarij word je geen vrijmetselaar, in feite ben je dat in zeker opzicht al. Je zoekt al naar het mysterie, naar jezelf, naar het Hogere Beginsel in je. Je bent al op pad, maar wilt wellicht je eigen pad vervolgen op de specifieke wijze die de vrijmetselarij te bieden heeft. Je wilt je dan  aanmelden bij de vrijmetselarij. Hoe gaat dat? Welke procedure moet je doorlopen?
In dit artikeltje ga ik in op het hoe en waarom van de procedure van aanmelding voor zover voor u - in dit stadium - van belang.

Als vrijmetselaar kunnen alleen mannen ouder dan 18 jaar worden aangenomen. Voor vrouwen zijn er andere vrijmetselaarsordes, zowel gemengde ordes als een orde voor alleen vrouwen.

Als u lid wordt van de vrijmetselarij, dan wordt u lid van zowel de Loge waar u zich aanmeldt, als van de Orde, het Grootoosten der Nederlanden genoemd. Alle reguliere loges in Nederland en in enkele andere landen zoals Suriname, vallen onder het Grootoosten der Nederlanden.

De procedure van aanmelding tot inwijding duurt minimaal drie tot zes maanden. Een lange periode zult u wellicht zegen. De procedure duurt vrij lang omdat de vrijmetselarij immers geen tennisvereniging is waar je een jaartje lid van word en dan desgewenst naar een andere vereniging of zelfs een andere sportvereniging overstapt. Hoewel je ieder moment je lidmaatschap kunt opzeggen, treed je in beginsel voor een lange periode en vaak zelfs voor het leven, toe tot de vrijmetselarij. een belangrijke stap die zorgvuldig en afgewogen gezet dient te worden. Van onze kant willen we teleurstelling - voor u en voor ons -  voorkomen door zorgvuldig na te gaan of  u past binnen de vrijmetselarij, of u in de vrijmetselarij zult kunnen vinden wat u zoekt.

Zo zult u- nadat u zich bij mij  heeft aangemeld - een gesprek krijgen met twee meester-vrijmetselaren die u behalve nader zullen informeren over de vrijmetselarij, tevens zullen proberen te beoordelen of u voldoende in staat bent tot zelfkennis, of u respect kunt opbrengen voor de mening van anderen en of u voldoende de waarde begrijpt van het werken met symbolen en ritualen.
Tevens verwachten wij van u dat u een "vrij man van goede naam bent".
Met "goede naam" wordt zeker niet uw inkomen, opleiding of uw beroep bedoeld, maar wordt bedoeld dat u geen levenswandel hebt die maatschappelijk verwerpelijk is.
Met "vrij man" wordt bedoeld dat u vrij bent van dogma's en open staat voor nieuwe ideeën, nieuwe gezichtspunten. Zou u bijvoorbeeld op dogmatisch wijze een religie aanhangen, dan past u niet binnen de vrijmetselarij. U hebt in dat geval voor uzelf reeds antwoorden en "zoekt"  immers niet meer. Zie onze "beginselverklaring".

Tijdens het gesprek krijgt de u een aanvraagformulier en een vragenlijst. De ingevulde vragenlijst dient een eerste beeld te geven van wie u bent en wat uw reden tot aanmelding is. 

Na genoemd gesprek stellen beide meester-vrijmetselaren afzonderlijk van elkaar een aanbevelingsbrief op en geven die aan hun Voorzittend Meester. Deze kan, na eventueel zelf ook met u gesproken te hebben, de voorzitter van de Commissie van Onderzoek verzoeken hem te adviseren over uw aangevraagde lidmaatschap.

Tegelijkertijd tijd worden de personalia en de naam van de loge waar u zich heeft aangemeld, doorgegeven aan het secretariaat van de Orde in Den Haag. Uw gegevens worden dan op een kandidatenlijst gezet, welke lijst wordt toegezonden aan alle onder de Orde vallende loges. De lijst wordt in alle loges op de eerstvolgende bijeenkomst voorgelezen en door de Voorzittend Meester afgesloten met de vraag of iemand de kandidaat kent en informatie heeft die van belang kan zijn voor de beoordeling van de kandidatuur.

De voorzitter van de Commissie van Onderzoek  (bestaande uit ongeveer vijf leden) start het onderzoek door u te verzoeken uw levensloop op papier te zetten, waaruit uw opvoeding en geestelijke ontwikkeling zou moeten blijken.Het gaat er hier om een beeld van u te krijgen. Als vanzelfsprekend wordt, zeker bij jonge mensen, niet verwacht dat zij ver zijn in hun geestelijke ontwikkeling. Sterker nog, wij nemen elkaar niet de maat en ook bij u niet. Het gaat er voornamelijk om in te schatten of u "zoekende" bent en binnen de vrijmetselarij aan uw (verdere) geestelijke ontwikkeling kan en wil werken.
Daarnaast kan de voorzitter van de commissie u verzoeken één of twee referenties op te geven.

De Commissie van Onderzoek zal in het logegebouw een gesprek met u voeren. Dit gesprek heeft niet het karakter van een soort examen. Het is een gesprek op basis van gelijkwaardigheid met u waarbij - het zij nogmaals gezegd - nagegaan wordt van beide kanten of u past binnen de vrijmetselarij en wel om teleurstellingen te voorkomen. Een dergelijk gesprek in gemoedelijke sfeer duurt ongeveer anderhalf uur.

De commissie zal vervolgens de Voorzittend Meester adviseren over uw aanmelding.  De Voorzittend Meester zal de aanmelding met het advies van de commissie ter besluitvorming voorleggen aan de meesters van de loge.

Het positieve besluit door de meesters van de loge wordt met de nodige documenten toegezonden naar het secretariaat van de Orde. Na akkoord van de Orde zal er een afspraak met  u gemaakt worden over het moment van uw inwijding tot Leerling Vrijmetselaar. Het is dan mij en mijn broeders een grote eer u te mogen inwijden en u een prachtige avond te bezorgen. Daarmee is de procedure beëindigd en hebben wij u als onze nieuwe broeder opgenomen in onze, de wereld omspannende, broederketen.
 
webmaster

 Zie ook: "waarom zou je vrijmetselaar worden"


contact 
 Avond voor belangstellenden
L'Union Frédéric
klik hier

Vrijmetselarij: tekst beginselverklaring

Vrijmetselarij Den Haag
Bron: Ordesite
De orde van vrijmetselaren heeft in de loop der tijden steeds in haar wetgeving een beschrijving opgenomen waarin wordt aangegeven wat het meest kenmerkende dient te zijn van de vrijmetselaar en de betekenis van zijn lidmaatschap van de orde.


Artikel 1.1.De vrijmetselaar.

Een vrijmetselaar is een vrij man van goede naam, die is ingewijd in een tot de Orde behorende loge, dan wel in een loge die werkt onder een door de Orde erkende Grootloge.

Hij werkt, samen met andere vrijmetselaren, met behulp van symbolen en rituelen aan zijn persoonlijke vorming.
Deze symbolen en rituelen zijn door de traditie gegeven; zij worden door de vrijmetselaar naar eigen inzicht geïnterpreteerd.
De gezamenlijke arbeid stimuleert hem ook naar vermogen bij te dragen aan een betere samenleving.
De vrijmetselaar zoekt dàt wat mensen verbindt en tracht weg te nemen wat hen verdeelt, opdat het ideaal van een allen verbindende broederschap gestalte kan krijgen.
Daarbij aanvaardt hij een persoonlijke verantwoordelijkheid ten opzichte van de wereld, die hij ziet als een te voltooien bouwwerk waarvan ieder mens een levende bouwsteen is.
Hij verricht die arbeid in het licht van een hoog beginsel, symbolisch aangeduid als opperbouwmeester des heelals.
De vrijmetselaar erkent de hoge waarde van de menselijke persoonlijkheid, de gelijkwaardigheid van alle mensen, ieders recht om zelfstandig te zoeken naar waarheid en ieders verantwoordelijkheid voor zijn doen en laten.

Artikel 1.2.  De loge
Vrijmetselarij wordt beoefend in plaatselijke verenigingen, loges genaamd.

Vrijmetselaren betrachten verdraagzaamheid en streven naar harmonie; mede daardoor kunnen de loges ontmoetingsplaatsen zijn voor mannen met uiteenlopende achtergronden, levensbeschouwingen en inzichten.
De gezamenlijke arbeid leidt tot beleving van verbondenheid van alle vrijmetselaren. Deze verbondenheid wordt broederschap genoemd. 

Artikel 1.3. De orde
De  orde van vrijmetselaren onder het grootoosten der Nederlanden  is het organisatorisch verband waarbinnen de voorwaarden worden geschapen om vrijmetselarij te kunnen beoefenen in de traditie waarin zij dat sedert haar oprichting heeft gedaan. 


Artikel 1.4. De staat
De orde eist van haar leden gehoorzaamheid aan de wetten des lands zolang en voor zover die wetten geen beperkingen inhouden van de vrijheid van meningsuiting en vereniging. 


Artikel 1.5. Internationale betrekkingen
De orde onderhoudt vriendschappelijke betrekkingen met de door haar erkende grootloges in het buitenland. Mede hierdoor zorgt zij ervoor dat haar leden ook daar kunnen werken, zodat de broederketen de gehele wereld omspant.


Zie ook: Hoe word je lid

woensdag 24 november 2010

Vrijmetselarij: Ken Uzelve, de zoektocht.

 Het adagium “Ken Uzelve” is één van de belangrijkste, maar ook moeilijkste opgave, die een vrijmetselaar, en dus ik ook, zich stelt en eigenlijk iedereen zich zou moeten stellen. Iedere keer als ik onze Tempel uit ga, zie ik boven de deur “Ken Uzelve” staan. Een opdracht aan mij, die ik mijzelf stel.
Waarom is het zo moeilijk en waarom geef ik mij die opdracht?

Ik denk dat het vooral zo moeilijk is omdat ik moeilijk onderzoeker kan zijn als tegelijkertijd het object van onderzoek. Hoe gemakkelijk is het om jezelf voor de gek te houden, hoe moeilijk is het om kritiek van anderen te moeten horen, hoe moeilijk is het om je kwetsbaar op te stellen tegenover anderen en zelfs tegen over onszelf. Is ons niet geleerd om flink te zijn. Is ons niet geleerd om de hoofd erbij te houden. Niet kinderachtig te zijn, geen watje te zijn. Hebben we niet geleerd om ons toch vooral aan te passen, te voldoen aan verwachtingen van de ouders, de schooljuf, de vrienden, collega’s en zo maar door. Is ons niet geleerd dat we weerbaar moeten zijn, dat we toch vooral assertief moeten zijn? Is de aanval niet de beste verdediging?  Kortom, ons is geleerd wat normaal is en wat afwijkend. En als ik helemaal zo geprogrammeerd ben, hoe kan ik dan mijzelf onderzoeken? Ik wil toch bepaalde eigenschappen in mij niet ontdekken?

Bij mij begon de echte zoektocht naar mijzelf met “ontvoeden”. Mij ontdoen van alles wat mij verteld was over wat normaal of afwijkend zou zijn, over hoe het hoort, over van wat goed of slecht is.  Het begon bij het besef dat niets menselijks mij vreemd zal zijn en dat ik mij niet voor mijn menszijn hoef te schamen en dat daarom niets onderzocht mocht worden vanuit een besef van goed of fout. Als onderzoeker van mijzelf kon ik alsdan meer waardevrij naar mijzelf kijken en luisteren zonder angst of schaamte tegenover mijzelf. Dat lukte als vanzelfsprekend niet vanaf de ene op de andere dag. Het was een weg die ik ging. En iedere keer als ik van die weg afdwaalde, dwong ik mijzelf weer mijn pad te vervolgen.

Ken Uzefve: Waarom gaf ik mij die opdracht?
Eigenlijk gaf ik mijzelf niet bewust die opdracht. Ik werd er min of meer toe gedwongen.  Te zeer leefde ik voor anderen, te zeer paste ik mij aan en te zeer speelde ik de rol die ik dacht te moeten spelen, zowel privé als zakelijk. Je leeft daardoor niet in harmonie met jezelf. De stress sloeg toe. Maar dat niet alleen, je kunt daardoor niet authentiek in je houding naar anderen  zijn waardoor echt contact met anderen niet goed mogelijk is. Die onbalans, die disharmonie maakte mij eenzaam en ongelukkig. Die pijn die dat veroorzaakte, dwong mij zo’n twintig jaar geleden  tot zelfonderzoek.

Het aardige is, dat de zoektocht naar mezelf, vanzelf tot gevolg had dat ik veel beter andere mensen kon begrijpen, mijzelf in anderen kon ontdekken  en veel sneller op gevoelsniveau chemie tot stand kon brengen. Ik werd niet zwakker, maar sterker, stabieler en gelukkiger.
Nu kun je dit proces van zelfonderzoek met behulp van allerlei methoden ondersteunen. Bij mij heeft de Vrijmetselarij mij goed geholpen. Maar uiteindelijk kwam het op mij aan en komt het op u aan!

zondag 21 november 2010

Vrijmetselarij: De kracht van symboliek en rituelen


Auteur: B.·. Joris S.
Aqua, autonome Loge aan de stroom
O.·. Antwerpen
Lithos CL 

( zie ook:
startpagina
Waarom zou je lid worden
Hoe word je lid?)

contact


De beleving tijdens een inwijding is dikwijls zeer intens. We krijgen een gevoel van opperste concentratie, van geborgenheid en meditatie. Alhoewel het ritueel zeer stereotiep en weinig rationeel is, spreekt het me aan. Telkens weer word ik meegesleept in dit emotionele avontuur dat mij intrigeert. Maar op wat zijn die rituelen nu gebaseerd en waarin schuilt nu juist de kracht van de symboliek? Draait het om psychostimulering of valt alles rationeel te verklaren volgens een chemisch proces dat zich afspeelt in de hersenen? In wat volgt ga ik na waarom symbolen en rituelen zo'n onuitwisbare indruk op ons maken.
Het woord "symbool" komt van het Griekse 'symbolon'; wat samenpassen of herkennen betekent. De term verwijst naar twee potscherven van gebakken klei die nauwkeurig in elkaar pasten. De scherven werden door twee ver van elkaar verwijderde partijen of families bewaard. Het samenbrengen van de juiste potscherven gold als een bewijs van hun alliantie of verwantschap. Symbolen deden dienst als herkenningsteken en als boodschap en hebben van oudsher iets met verbergen en dus met geheimzinnigheid te maken. In de oudheid gebruikten redenaars de symboliek of een systeem van symbolen als memotechnisch middel voor het reciteren en onthouden van teksten. Pythagoras bracht de methode vanuit Egypte mee en leidde er zijn vertrouwelingen mee op. Het symbolisme diende niet alleen voor het esoterisch onderricht, het moest ook de profanen op afstand houden en het fungeerde voorts als een harmonisch bindmiddel tussen de diverse kennisvelden. Uit de wisselwerking tussen de Griekse en de Egyptische cultuur ontstond het hermetisme, een elitaire filosofiestroming. In de middeleeuwen zal het hermetisme samen met de alchemie de operatieve vrijmetselarij beïnvloeden; later zal de speculatieve vrijmetselarij de rituelen en het symbolisme overnemen.

Het is niet zo dat enkel de mens symbolen hanteert. Dieren gebruiken instinctief symbolen om paardrift, onderdanigheid en woede aan te geven. De symboliek bij de mens is vooral merkbaar in het taalgebruik. De symbooltaal, die ook wel discursieve symboliek wordt genoemd, komt tot uitdrukking in metaforen zoals: "Het schip der woestijn", "De avond valt", "Hermetisch afgesloten" en uiteraard in: "Het kappen aan de ruwe steen". We staan niet stil bij de uitdrukking: "Een blad papier" noch bij de werkwoorden "ingeworteld", "vertakt" en "verankerd", we vinden ze "doodgewoon", toch leidt hun gebruik tot pure beeldspraak. Minder bekend is de metonymie: zoals in de uitdrukking: "een glas drinken" of "de tweede viool", termen die enkel de context weergeven. Je drinkt uiteraard geen glas, maar wel de inhoud ervan; de tweede viool, duidt niet op de viool maar op de violonist. En wat te denken van benamingen zoals: de zonnekoning, de vliegende Hollander en kruidje-roer-me-niet?

De semiotiek is de wetenschap die symbolen en tekens bestudeert. Belangrijk is het onderscheid tussen symbool en teken. Een teken is eenduidig en gedefinieerd. Denk aan de verkeerstekens, de lettertekens en de wiskundige tekens zoals: het getal pi, het plus- en minteken en het gelijkheidsteken. In tegenstelling tot een teken verwijst een symbool naar onzichtbare, maar belangrijke dingen zoals gedachten, ideeën en gevoelens. Waar denken jullie aan bij het zien van: een fakkel, een hartje, een ankh, een onklaar anker, passer en winkelhaak? Het symbool wil iets zichtbaar en voelbaar maken. Zo krijgt de klaproos uit het gedicht: "In Flanders Fields", van de Canadese officier en arts John McCrae, een unieke associatie.

klaproos, esoterie

In Flanders Fields the poppies blow,
Between the crosses, row on row,
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly
Scarce heard amid the guns below.

                                               We are the dead, short day ago
We lived, felt dawn, saw sunset glow,
Loved, and were loved, and now we lie
In Flanders Fields.

Take up our quarrel with the foe:
To you from failing hands we throw
The torch; be yours to hold it high.
If ye break faith with us who die
We shall not sleep, though poppies grow
In Flanders Fields.
Dankzij dit gedicht groeit een onkruid als de klaproos uit tot het symbool van ontbering in een meedogenloze oorlog en vooral van de 500 000 gesneuvelden in de Westhoek. Het symbool roept een belevingswereld op en is meerduidig.

Volgens Freud is symboliek niets anders dan de voorstelling van conflicten en wensen in het onderbewuste. Al die onbevredigde driften komen spontaan tot uiting in onze dromen. De basisdriften zijn vooral terug te brengen tot seksualiteit en tot de relaties met de ouders en andere sleutelfiguren uit onze jeugd en volwassenheid. Volgens Jung verwijzen symbolen naar veel meer dan de eenzijdige betekenis van het libido, en hebben ze met allerlei archetypes (oervoorbeelden) te maken. Jung splitst de beleving van het onbewuste op in een persoonlijk onbewuste, gebaseerd op de levenservaring en een collectief onbewuste, waarin ervaringen van het mensdom sinds de oertijd onder de vorm van instincten zijn verzameld. Het persoonlijk onbewuste komt in symbolische vorm spontaan tot uitdrukking in de droom. De symboliek van het collectief onbewuste is meer tastbaar, want ze is reeds aanwezig in alle vormen van kunst, cultuur, religie en mystiek zodat ze kan bestudeerd worden. Nu blijkt, dat door het streven naar een grotere harmonie tussen die elementen van de psyché, het mogelijk is om tot een verruiming van de persoonlijkheid te komen. Zelfkennis maakt dat het individu zich beter kan aanpassen aan de moeilijkheden die hem zowel vanuit de buitenwereld als van binnenin bedreigen.

De meeste wetenschappers stellen, dat juist het doeltreffend bouwen aan een betere wereld beantwoordt aan de diepere drijfveren in elk van ons. Het is dus een soort natuurwet, die naast het instandhouden van de soort ook verklaart waarom wij blijven ijveren voor wetenschap en vooruitgang. Dit proces dat de creativiteit in elk van ons aanwakkert, dat ons vollediger maakt en meer zelfvertrouwen verschaft, wordt ook wel de psychostimulering genoemd. Wie er als mens naar streeft om het waardevolste van zichzelf naar boven te brengen, zal pogen om zo vaak mogelijk die optimale geestestoestand te bereiken en hiervoor blijken groepsrituelen en symboliek van oudsher krachtige hulpmiddelen voor.

De aantrekkingskracht van symbolen maakt ze zeer lucratief voor allerlei commerciële doeleinden. Zo spoort het gebruik van symbolen in de reclame aan tot het verwerven van nieuwe producten. Reclame op televisie hangt een soort menselijk ideaalbeeld op. Dikwijls wordt koopwaar voorgesteld in een rustiek landschap, in de Grand Canyon of verwijzend naar de zuiverheid van de bergen, op een zeilschip op de wijde zee of op een wit strand met palmbomen. De voorstellingen roepen rust en oneindigheid bij ons op. Symbolen geven aldus een suggestie van authenticiteit en zetten aan tot kopen. Meestal roept de reclame een vorm van schijnbevrediging op, door te verwijzen naar autonomie of naar volwaardige mannelijkheid of vrouwelijkheid. Het is net alsof je tekort schiet, zolang je het aangeprezen product niet bezit. Die symboliek wordt in de semiotiek "de presentatieve symboliek" genoemd. Ze zorgt dus helemaal niet voor een diepere werkelijkheid, maar eerder voor schijn en schijn bedriegt.

Niet iedereen neemt symbolen op dezelfde manier waar. Zo beweren sommigen dat het hart slechts een pomp is en helemaal geen symbool van liefde kan zijn. Maar al gauw wordt duidelijk dat deze uitspraak van dezelfde onverbiddelijke logica is als de bewering dat tranen bestaan uit zout en water en dus geen symbool van smart en verdriet kunnen zijn. Duidelijk is dat gans ons bestaan doorspekt is met symbolen onder de vorm van beeldspraak, metaforen, allegorieën, parabolen, emblemen, parabels, medailles, medaillons en vlaggen. Strikt genomen is elke vorm van kunst ook een symbolische weergave van de gedachten en de gevoelens van de kunstenaar. Maar ook de reuk kan symbool zijn. Waar doet de geur van rozen of van gepofte kastanjes u zoal aan denken? Symboliek is dus het geheel van: handelingen, situaties, voorwerpen en afbeeldingen, die bij de waarnemer bepaalde betekenisvolle ervaringen veroorzaken. Gezien het overdrachtelijk karakter van symbolen, ontstaat de ontroering niet zozeer door de reële betekenis van het voorwerp of het gebaar, maar eerder door datgene wat het in ons onbewuste oproept.

inwijding

Een ritueel is een gebruik of een ceremonie bestaande uit afgesproken handelingen, symbolen en muziek. Rituelen ontstaan en voltrekken zich binnen een gemeenschap en elk individu dat er aan deelneemt, is sterk bij het gebeuren betrokken. De permanente herhaling van dezelfde plechtigheden zorgt voor een band onder de uitvoerders en met degenen die eraan voorafgingen. Op die manier wordt er orde en rust gebracht onder de deelnemers. Soms ontstaan nieuwe rituelen spontaan omdat mensen collectief uitdrukking willen geven aan medeleven. Wie herinnert zich niet het stille protest in Nederland voor de Friese jongeren die door zinloos geweld om het leven kwamen? Bij ons was er de Witte Mars in hartje Brussel. Een stil getuigen tegen kindermishandeling en voor een betere justitie. Tijdens een ritueel krijgen gevoelens plaats in je leven. De gemeenschapsrituelen van vandaag zijn bij uitstek: de sportmanifestaties en de grote popconcerten. De aanwezige massa heft de individuele remmingen op. Gebruiken in een vaste volgorde werken heel rustgevend. Tegelijkertijd bestaat er gevaar voor nostalgie, alsof alleen het oude kwaliteiten heeft. Zo speelt ook de commercie handig in op de aantrekkingskracht van rituelen. Vaderdag, moederdag, Valentijn, Sinterklaas, de kerstman, de paashaas, Sint Maarten, Halloween; wie weet breekt straks ook de viering van de zomerzonnewende en de winterzonnewende door in profane middens?

Het ritueel kan ook al te zeer in dienst staan van de mythe of de ideologie. Zo beschikte het nazi-regime over eigen rituelen, die de Germaanse eigenheid moesten bestendigen. Tijdens die rituelen stond de swastica, beter bekend als gamma- of hakenkruis, centraal. Dit symbool, dat wereldwijd bij diverse culturen in de oudheid bekend was en verband houdt met de zonnecultus, kreeg bij de nazi's de betekenis van de strijd voor de overwinning door het Arische ras.
In de communistische landen en in hun satellietstaten stond het ritueel in dienst van het marxisme. De massale propaganda, in het teken van hamer en sikkel, tijdens groots opgezette 1 mei vieringen hoefde niet voor de nazi's onder te doen. Opvallend is dat de beulen in Moskou en Peking, net als de nazi-leiders trouwens, atheïsten waren. Vrede, democratie en mensenrechten zijn dus niet noodzakelijk gegarandeerd door het atheïsme. In zijn werk getiteld: "Het vrije denken, hoeksteen van de vrijmetselarij", stelt René Pieyns, dat noch atheïsme noch een religie, een goede uitvalsbasis zijn voor een universele moraal. Alleen al aan de benaming "atheïst" ergert Pieyns zich. Wie zich situeert tegenover de tegenstander de "theïst" vertrekt altijd met een achterstand.
Uiteraard zorgen ook de massale eucharistievieringen bij het pausbezoek voor het uitdragen van macht, die door de menigte wordt gelegitimeerd en erkend. Maar ook de moslimrituelen, die gepaard gaan met de heilige oorlog en de optochten van de Palestijnse zelfmoordcommando's van de HAMAS-beweging stemmen tot nadenken. In de Noord-Koreaanse dictatuur van Kim Jong-IL, moeten groots opgezette massaspectakels de volksdevotie voor de leider uitdragen. Wil onze eigen 21 juli-viering niet de demonstratie bij uitstek zijn van een moderne stabiele democratische staat en van de duurzame verbintenis: politiek, leger, natie? Duidelijk is het, dat de media en in het bijzonder de televisie hier een zeer belangrijke rol vervullen. Een goede beeldmontage en beeldkwaliteit versterken de toegankelijkheid tot het gebeuren. Zo krijgt ook "het nieuws" op televisie mythisch-rituele trekken. De kijker heeft het gevoel persoonlijk betrokken te zijn bij het gebeuren. De uniforme patronen, de vaste tijdstippen en de symbolen geven een gevoel van orde en harmonie, die op een eigen wijze zin geven aan het leven.
Het ritueel bindt mensen, geeft identiteit aan groepen, gemeenschappen en volken en kan daardoor in dienst komen van de machthebbers. Daarmee legitimeert het ritueel, openlijk alle systemen en dus ook deze van onrecht en verdrukking.

Rituelen zijn onmisbaar voor de continuïteit van het bestaan en bezitten daardoor ook therapeutische eigenschappen. Zo zullen mensen die zich willen bevrijden van rituelen spoedig overgaan naar andere latente maar vaste patronen van handelen. Bij drugs- en alcoholverslaafden, die leven aan de rand van de samenleving, proberen helpers hen weer te doen aanklampen, door te zorgen voor enig ritueel houvast. Gebruiken en routines zorgen immers voor meer orde en stabiliteit.Volgens de Nederlandse theoloog Gerard Lukken is het begrijpelijk dat psychotherapeuten in de jaren zeventig, toen heel wat rituelen in de samenleving verdwenen waren, juist van rituelen gebruik gingen maken. Zij kwamen er toe patiënten bepaalde rituelen voor te schrijven om aldus impasses bij kritische overgangen in het leven, zoals bij echtscheiding of een overlijden, te overbruggen. Aldus werden rituelen wetenschappelijk en praktisch beheersbaar gemaakt en wel voor een zeer bepaald doel: genezing van vertraagd of verstoord leven.

Volgens de godsdienstwetenschapper Mircea Eliade zijn de initiatieriten verwant met de geschiedenis en de structuur van een bepaalde gemeenschap. Ze hebben dus betrekking op de transcendente (onvatbare) ervaringen binnen een sociale en culturele context. In dit perspectief is cultuur gebaseerd op een reeks rituelen die natuurlijke ervaringen transformeren in culturele leefgewoonten. Eliade sluit daarmee aan bij het collectieve onbewuste van Jung. Verder toont de Roemeen aan dat alle initiatieriten met elkaar verwant zijn, doordat ze handelen over een scheiding of een symbolische dood gevolgd door een wedergeboorte. De dood en de verrijzenis van Christus; de dode Osiris die bij Isis, Horus verwekt, Mytras die de heilige stier doodt, de opstanding van Hiram Abiff. Symbolisch sterven om als beter en volmaakt mens herboren te worden.

Maar valt wat er in onze hersenen omgaat tijdens initiaties en zittingen ook rationeel te verklaren? Onderzoek naar farmacologische processen in de hersenen van ratten toont het belang van hersenmorfines aan. Tijdens een proef werd het aan jonge ratten onmogelijk gemaakt om te spelen. De speldeprivatie op jonge leeftijd bleek gepaard te gaan met een forse verstoring met de afgifte van natuurlijke hersenmorfines. De verstoring die op latere leeftijd doorwerkte, was bepalend voor het onvermogen van een volwassen rat om sociaal gedrag te vertonen. Het is aannemelijk dat dezelfde verstoring bij mensen ook tot dit verschijnsel leidt. Als dit zo is, dan betekent dit dat rituelen en sociale omgang met elkaar de productie van hersenmorfines stimuleren.

zenuwcel, semiotiek, rituaal

Teneinde dit proces beter te begrijpen moeten we even de werking van een zenuwcel nader bekijken. Het meest voorkomende type zenuwcel is bijna bolvormig met aan de ene kant een lange uitloper die axon wordt genoemd en aan de andere kant een aantal kortere uitlopers de zogenaamde dendrieten. Een zenuwprikkel wordt dankzij ladingsveranderingen via het axon aan de volgende zenuwcel doorgegeven. Aan het einde van de cel dreigt het signaal echter dood te lopen want de celwand houdt daar op. Om het signaal toch door te kunnen geven, produceert de cel aan het doodlopende uiteinde een signaalstof, die een neurotransmitter wordt genoemd. De moleculen van de signaalstof bewegen naar de volgende cel toe en worden daar herkend door ontvangers, receptoren genoemd. De wisselwerking tussen neurotransmitters en receptoren veroorzaakt veranderingen in de ontvangende zenuwcellen die het signaal als een snelbewegende ladingsverandering doorgegeven. Het lichaam bezit verschillende zenuwsystemen, elk met hun eigen taak. Zenuwcellen die bijvoorbeeld de gezichtsignalen van het oog naar de hersenen brengen, mogen niet aan pijngeleidende cellen door kunnen geven, ook al zitten die zenuwen vlak naast elkaar. Het lezen of het aanhoren van een tekst zou anders een pijnlijke zaak kunnen zijn. Elk zenuwsysteem heeft daarom zijn eigen specifieke neurotransmitter waarmee cellen onderling signalen kunnen doorgeven. Nadat de signaalstof zijn werk heeft gedaan, wordt hij door enzymen chemisch afgebroken. Dit is nodig omdat een overmaat van signaalstof in het zenuwuiteinde verhindert dat bijkomende prikkels doorgaan.

De hersenmorfines vormen een zeer bijzondere groep neurotransmitters. Ze komen voor in die delen van de hersenen die verantwoordelijk zijn voor het emotioneel gedrag. Ze zijn slechts sedert 1975 algemeen bekend. De belangrijkste zijn: de enkefalines, de endorfines en de dynorfines. Ze verschillen qua verdeling in het zenuwstelsel en qua levensduur. Endorfine blijkt in het lichaam hetzelfde effect te hebben als morfine, namelijk een euforisch gevoel en de pijn onderdrukken. De naam is afgeleid van endogeen en morfine. Endogeen betekent hier "door het eigen lichaam". Het achtervoegsel verwijst naar morfine dat afkomstig is van opium bereid uit de papaver solmniferum (de klaproos). Bekend is dat het lichaam in stress-situaties endorfines afscheidt. Zo voelen personen in shocktoestand weinig pijn. Langeafstandslopers, die na afloop van een slopende marathon vergeven zouden moeten zijn van de spierpijn en pijn in de gewrichten, hebben een zalig gevoel, ze zijn gewoon high. Onderzoek toont aan dat de stimulatie van perifere zenuwen zoals bij acupunctuur aanzet tot de productie van hersenmorfines die de pijn verzachten. Ook elektrische impulsen kunnen de aanmaak van hersenmorfines beïnvloeden en ondertussen bestaan hier apparaten voor. Het resultaat is dat de zenuwen minder pijnprikkels doorgeven, waardoor de pijndrempel verhoogt, terwijl het genezingsproces vanwege de betere doorbloeding versnelt. Maar ook lachen zou aanzetten tot de productie van hersenmorfines en zelfs seks zou het endorfineniveau gevoelig doen toenemen. Aan elke medaille zit echter een keerzijde. Zo speelt endorfine een rol bij het ontstaan van een verslaving door drugs. Als aan ratten iets werd toegelaten dat ze graag deden, dan bleken ze dat minder vaak te willen doen naarmate ze meer stoffen toegediend kregen die de werking van endorfine tegengingen. Kennelijk was de hoeveelheid endorfine in de hersenen bepalend voor de hunkering van de ratten naar de kick van de verslavende activiteit. Het idee is dus dat mensen met een verhoogde endorfine-activiteit sneller verslaafd geraken dan anderen.

Via de wetenschap komen we steeds meer te weten over de natuur en de chemische processen in ons lichaam. De wetenschappen brengen ons echter in contact met het deel dat zij onderzoeken en dat is hoe dan ook slechts een deel van de werkelijkheid. Proefondervindelijk onderzoek impliceert bovendien waarnemingen volgens een al dan niet ondersteunde know-how. Dit beperkt de vrijheid en maakt van vrij onderzoek eerder een streefdoel dan realiteit. Rituelen en symboliek brengen ons in contact met de bredere en diepere werkelijkheid. Vooreerst omdat ze aansporen tot nadenken, studie en filosoferen. Vervolgens doordat we via het symboliseren aan die werkelijkheid deelnemen met ons verstand, gevoel en met alle zintuigen. Vandaar dat de lichtsymboliek en de triade: wijsheid, schoonheid en kracht voor ons zo betekenisvol zijn. Staat wijsheid niet voor zelfkennis en het doorbreken van illusies, met harmonie tussen inzicht en overzicht? Dankzij die introspectie krijgen we meer vat op het geheel van krachten dat op ons werkt. De creatieve kracht is de belangrijkste, want ze is de bron van sterke emoties en fascinaties maar ook van verscheurdheid. Belangrijk is dat wij positief blijven denken. Wijsheid en creatieve kracht bezorgen ons momenten van schoonheid, die geluk en eenheid brengen in de losse ervaringen van ons leven. De zoektocht naar Wijsheid-Schoonheid-Kracht wil, naast het leidmotief van elke zitting, ook mijn streven zijn van elke dag als vrijmetselaar; ware het niet dat vrijmetselarij niet vreemd is van allerlei menselijke trekjes: hebbelijkheden en onhebbelijkheden. Maar, dat is nu net ook het fascinerende van vrijmetselarij: jezelf er toe aanzetten om samen met anderen, die niet noodzakelijk je mening delen, gemeenschappelijk een ritueel te beleven. Mij werd intussen duidelijk dat de maçonnieke methode ons inspireert om te leven: getrouw aan onszelf, onze medemens tot steun, in een nooit aflatende poging om zin en betekenis te geven aan de wereld om ons heen.

zie ook: hoe word je lid

 

 

Ashler, vrijmetselarij, esoterie

Bibliografie:

- ‘Rituelen in overvloed’, Gerard Lukken
- ‘Aspects du mythe’, Myrcia Eliade
- ‘Le symbole’, Decharneux en Nefontaine
- ‘Het vrije denken, hoeksteen van de vrijmetselarij’, René Pieyns.
- ‘De geschiedenis der symbolen’, Graaf Goblet d'Alviella.
- ‘The Human Brain, a guided tour’, Susan Greenfeeld.

Op bezoek bij de vrijmetselaars



vrijdag, november 19, 2010







Ik maakte er in een vorig logje al melding over, mijn aanstaande (en nu reeds uitgevoerde) bezoek aan een loge van de vrijmetselaars.

Een bezoek dat de nodige reacties uitlokte. Veel mensen waren geïnteresseerd, andere vroegen zich af of dat niet eng was en iemand zei zelfs "daar ben je toch veel te nuchter voor?".

Laat ik eerst eens vertellen waarom ik dat bezoekje heb gebracht.

Ooit op vakantie op Malta maakte ik "kennis" met de Jonanieter Ridders, een orde die zich onder andere inzette voor de verzorging van zieken (vandaar ook het Maltezer kruis dat sommige hulpverleningsinstanties dragen). Later op een vakantie in Rhodos zag ik nog meer van hun geschiedenis.

Van de Johannieters is het een kleine stap naar de Tempeliers en vandaar, via de Tempel van Salomo is het niet zo'n grote stap naar de vrijmetselaars.

Ik las daarover in, ik schat, zo rond 1990, 1992 en sinds die tijd heb ik een interesse gehouden in dat soort orden.

Het heeft me zelf ook vaak verbaast dat ik wel interesse heb in dat soort "randverschijnselen" van religie, maar dat religie zelf mij volkomen koud laat. Wellicht de technische of militaire insteek ervan, wie zal het zeggen.

Toen de Da Vinci code uitkwam, wakkerde de interesse nog verder aan. Ik heb er een aantal logjes over geschreven in 2004/2005.

Het laatste boek van Dan Brown heb ik vorig jaar in Thailand gekocht en in één ruk uitgelezen (en daar achtergelaten, maar dat terzijde) en dat boek gaat volledig over de vrijmetselarij.

Een aantal weken geleden hoorde ik op de radio een reportage over een Amsterdamse vrijmetselaarsloge die de deuren had geopend en nieuwsgierigen liet rondkijken en ik dacht "dat zou nou eens dichterbij moeten gebeuren".

Een paar dagen later had ik een volger erbij op Twitter: @VrijmetselaarDH. En niet veel later las ik dat ook zijn loge de deuren voor geïnteresseerden opende. Wie interesse had kon zich aanmelden. Tja, dat kon ik natuurlijk niet laten passeren.

Wellicht een lange inleiding tot dit verhaal, maar het moet er wel even bij om mijn interesse te kunnen plaatsen.

In de loge werden we (er waren een 10-tal geïnteresseerden op af gekomen) ontvangen door een aantal vrijmetselaars van de loge L"UNion Frédéric waaronder VrijmetselaarDH die de voorzittend meester van de loge is. Na de koffie volgde een voorstelronde, een korte inleiding en konden we de tempel in.

Daar kregen we verder uitleg, waaronder twee stukken die VrijmetselaarDH ook op zijn site heeft gezet "Geschiedenis van de Vrijmetselarij" en  "Waarom zou je vrijmetselaar worden?" Twee duidelijke verhalen die zeer verhelderend waren, maar toch ook nog wel wat vragen open lieten, die we dan ook naar hartelust konden stellen.

Daarna was het na een borrel nog napraten met de aanwezige vrijmetselaars en collega-geïnteresseerden.

Wat de avond in ieder geval duidelijk heeft gemaakt is dat de vrijmetselarij geen religieuze club is en dat ogenschijnlijk religieuze symbolen puur voor de inhoud aanwezig zijn en niet voor de betekenis die gelovigen eraan toekennen. Zo heeft de bijbel een symbolische functie en wordt hij niet gezien als een boek dat de enige echte waarheid beschrijft.

Ook het feit dat vrijmetselaars "werkstukken" (lezingen) over de meest uiteenlopende onderwerpen maken, die voordragen, waarna er over gecompareerd kan worden is iets wat me ook wel aanspreekt.

Hetzelfde geldt voor het idee dat je "moet bouwen" aan jezelf. Ook dat onderschrijf ik wel en is iets waar ik me in het verleden ook al mee bezig heb gehouden, toen ik een personel coachingstraject heb gevolgd, met een paar jaar later een "opfriscursus".

Wat houdt me dan tegen zou je denken? Wel, er blijft toch wat van dat spirituele omheen hangen waar ik niets mee heb. Ik doel dan op het zoeken naar "iets tussen hemel en aarde" zonder daarbij meteen aan de eng religieuze invulling te denken overigens.

En daar gaat het mis bij mij. Gaf ik al eerder aan niets met religie te hebben, ik zal ook nooit zoeken naar iets tussen hemel en aarde omdat ik voor mezelf 1000% zeker weet dat daar, behalve wat planeten en al dan niet afgedankte satellieten (en een ISS), niets is.

Harry Mulisch schreef er een boek over "De ontdekking van de hemel" en inmiddels zal hij er wel achter zijn of er echt iets te ontdekken was of niet, maar ik ben niet zover en betwijfel of ik ooit zo ver zal komen.

En dat is volgens mij een behoorlijk obstakel om beginnen aan een tocht die je via het 'leerling' en 'gezel' zijn, tot meester brengt.

Aan de andere kant zal ik mijn hele leven ook verteerd worden door nieuwsgierigheid over van alles en nog wat en wie weet wat daar nog uit gaat komen. Misschien zelfs ooit een vrijmetselaar.
Aldus ,


lees ook: hoe word je lid
Reactie
Mooi artikel. Ik ben blij dat ik als voorzittend meester je gastheer heb mogen zijn in mijn vrijmetselaarsloge LÚnion Frédéric in Den Haag. Niet alleen zij die belangstelling hebben voor toetreding maar ook mannen en vrouwen die gewoon nieuwsgierig zijn, zijn welkom om nader kennis te maken in volkomen openheid.
Natuurlijk vind ik het jammer dat je (nog) geen lid van die prachtige club wilt worden waar ik zo van hou.

Ik denk dat je de voorlichtingsavond heel goed omschreven hebt, zij het dat ik één kleine kanttekening, zo je wilt, aanvulling heb. Wat "tussen hemel en aarde" zit is bij ons slecht een onbekend, ordenend beginsel. Dat kunnen natuurwetten zijn, anderen noemen het een soort kosmische energie, een dimensie die er wel is, maar die wij niet kunnen waarnemen. Wellicht zou je het Het Licht, of je ware zelf kunnen noemen. Kortom, wij zoeken naar het mysterie in onszelf.

Mocht je ooit weer eens van gedachte willen wisselen, weet dan dat je van harte welkom bent.


woensdag 17 november 2010

Hoogleraar Vrijmetselarij aan het woord. Prof. Malcolm Davies

'Ik wil de vrijmetselarij in de grote context zien'

Forum - 6 november 2008

Aan het begin van het jaar werd Malcolm Davies benoemd als bijzonder hoogleraar Vrijmetselarij bij het Instituut voor Godsdienstwetenschappen. Op 25 november zal hij zijn oratie uitspreken ter aanvaarding van dit ambt. Een gesprek met de Britse Nederlander over de mysteries van de vrijmetselarij: ‘In Engeland hoor je regelmatig: "Toen mijn man overleed heb ik pas ontdekt dat hij vrijmetselaar was."





door Sjaak Baars   


U bent dirigent?

"Ik heb in Engeland, in Londen en Southampton, musicologie gestudeerd, oude muziek. Toen ben ik naar het conservatorium in Den Haag gekomen, omdat Nederland een van de betere landen is op dit gebied. Mijn instrument was de blokfluit. Naast oude muziek heb ik de opleiding voor dirigent doorlopen. Na Den Haag ben ik in Utrecht bij muziekwetenschap gepromoveerd. Het idee was te promoveren op gedrukte en niet-gedrukte melodieën in de 18e eeuw met als vraag welke belangrijk waren? Maar ik deed een ontdekking en kwam een ‘vrijmetselaarsmenuet’ tegen. In Den Haag, in het cultureel Maçonniek Centrum 'Prins Frederik' (een van de grootste maçonnieke bibliotheken ter wereld) is veel te vinden op het gebied van vrijmetselarij en ik vond ledenlijsten en een stapel muziek. Ik wilde weten wat dit allemaal was en moest het onderwerp van mijn promotie veranderen. Ik was nog niet ver met mijn andere onderwerp, dus het was niet zo dat het roer helemaal omging, meestal kan dit ook niet, maar in dit geval had ik wat belangrijks gevonden."

Wat fascineerde u aan de vrijmetselarij?

"De vrijmetselarij was in de 18e eeuw belangrijk in de maatschappij. Het was een nieuwe stroming in de Verlichting, maar ook geestelijk gezien. Wat mij intrigeerde was waarom er musici bij zaten: wat was de positie van de muziek in de vrijmetselarij? De meeste musici in die tijd hebben enkel een naam, meer niet, maar als je weet dat zo'n musicus vrijmetselaar was, dan weet je wat hij las, wie zijn contacten waren."

Davies: 'De mens blijft leerling, en ook dit is een opvatting vanuit de vrijmetselarij.'

Wat is vrijmetselarij nu precies?


Lees verder

Geschiedenis Vrijmetselarij

Ik zal een poging doen u uit te leggen wat vrijmetselarij is.  En dat is lastig, want daar wordt verschillend over gedacht, zelfs binnen de vrijmetselarij zelf.

Wat is het niet? Het is geen godsdienst, geen duistere complotsmedende club, geen Dan Brown achtige organisatie die geheime religieuze documenten bewaart. Het internet staat vol speculaties over haar geheimzinnige invloed op politiek en maatschappelijk gebied zou zijn. Niets van dat alles!
Maar wat is het dan wel? Ik vertel u eerst iets over de geschiedenis van de vrijmetselarij in het algemeen en tenslotte over de ontstaansgeschiedenis in Nederland.
Geschiedenis.
Over die geschiedenis is veel geschreven, maar weinig is wetenschappelijk gefundeerd. De oorsprong ligt misschien in de grijze oudheid, maar van een doorlopende ontwikkelingsgang is geen sprake. Omvangrijke werken zijn geschreven om haar oude oorsprong aan te tonen, maar zoals gezegd: onomstotelijke bewijzen daarvoor zijn tot nu toe niet geleverd.
Sommigen beweren, dat de Vrijmetselarij rechtstreeks afstamt van de oude mysteriën, of dat ze is terug te voeren op de Tempelridders. Anderen denken dat haar ontstaan bij de Rozekruisers ligt en weer anderen menen dat zij is voortgekomen uit de middeleeuwse bouwgilden en broederschappen.
De meningen lopen dus nogal uiteen en juist door deze verscheidenheid is er weinig met zekerheid te zeggen over de oorsprong der Vrijmetselarij. Wél worden in oude geschriften (o.a. sommige heilige boeken) symbolen en opvattingen gevonden die overeenkomen met die van de Vrijmetselarij.  En daaruit valt af te leiden dat er in oeroude tijden een bepaalde geestesgesteldheid is geweest die overeenkomt met die van de Vrijmetselarij van vandaag de dag.
Zo zijn er overeenkomsten met de middeleeuwse bouwgilden. Onze benaming “vrijmetselaar” verwijst daar al naar. Het Engelse woord freemason verwijst naar de man die kalksteen bewerkte. Die kalksteen (freestone) werd vooral gebruikt voor het fijne beeldhouwwerk.
Daaruit zou de naam “freemason” zijn ontstaan, maar ook dat staat weer niet vast.
Het element ‘free’ zou ook betrekking kunnen hebben op de ambachtsman die zijn contractuele tijd als leerling had voltooid en daarna 'vrij' was om als gezel bij een andere meester te gaan werken; hij was dan 'free mason', vrije steenhouwer. Op die verklaring is de oude Nederlandse benaming ‘vrije metselaar’ gebaseerd.
In oude Engelse en Schotse handschriften, onder andere het Regius en het Cooke Manuscript uit de veertiende eeuw, wordt melding gemaakt van gebruiken en regels voor bouwlieden. In de bouwloodsen – lodges, loges - bij grote bouwwerken, vaak kathedralen, werden onder toezicht van de 'Master Mason' de leerlingen door de gezellen opgeleid. Ze woonden en werkten er soms jarenlang samen.
Er werd daar niet alleen over de techniek van het ambacht gesproken, maar ook over de geestelijke achtergrond. De loge was niet alleen een praktische leerschool, maar ook een leefgemeenschap met een sterk ontwikkelt stelsel van normen en waarden. Waar men van de ene bouwplaats naar de andere trok, waren tekens, handgrepen en paswoorden onmisbaar voor herkenning en erkenning. De beslotenheid van de bouwcorporaties blijkt uit gedragsregels die dienden om het ambacht tegen beunhazerij te beschermen.
Maar nogmaals, er is geen enkel bewijs dat de vrijmetselarij uit die Lodges is ontstaan.
Voor ons is het interessanter te kijken naar de tijdgeest waaruit de vrijmetselarij is ontstaan.
Wat we wel zeker weten is dat de vrijmetselarij zoals wij die nu kennen, als organisatie in 1717 in het UK is ontstaan toen vier loges zich verenigden in een Grand Lodge of London. Hieruit valt af te leiden dat deze vier loges al eerder bestonden. Vanuit Londen verspreidde de vrijmetselarij zich in de achttiende eeuw over een groot deel van de wereld.
Dit gebeurde dus in de tijd van de Verlichting. De tijd waarin opvattingen over politiek, filosofie, wetenschap en religie binnen de westerse wereld grondig werden herzien. Het was de tijd waarin men zich begon te onttrekken aan het dogmatische autoriteitsgeloof en zocht naar nieuwe vormen van samenleving, naar rechtvaardigheid, democratie en mensenrechten. Het was de tijd van de Franse Revolutie, van vrijheid, gelijkheid en broederschap. Het was de tijd die leidde tot de constitutie van de Verenigde Staten met haar bekende vrijheidsideaal.


Dat vrijheidsideaal zit de huidige vrijmetselarij in de genen. We willen onze broederschap uitbreiden met alle mannen van welke religieuze of politieke opvatting dan ook. De vrijmetselarij heeft bijvoorbeeld als uitgangspunten tolerantie, verdraagzaamheid, respect voor de mening van een ander, het besef dat ieder mens het recht heeft zelfstandig te zoeken naar waarheid, en past die toe voor haar denken en handelen in de maatschappij. Uitgangspunten die karakteristiek zijn voor het Verlichtingsdenken.
Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat de vrijmetselarij vanaf haar oorsprong vanwege deze uitgangspunten als een bedreiging werd gezien door autoritaire regimes en godsdiensten, zoals die in de communistische landen, nazi Duitsland, de katholieke kerk etc. Overigens lijkt de verhouding tussen de Rooms Katholieke kerk en de vrijmetselarij zich sinds eind twintigste eeuw wat te verbeteren in een aantal landen. Hoe dan ook, in een aantal landen waar de dictatuur is afgeschaft, althans de onderdrukking, zijn de maçonnieke activiteiten weer hervat. Ik denk dan aan Spanje, Portugal en de landen van Midden- en Oost Europa.
Samenvattend, de Vrijmetselarij maakt gebruik van vele symbolen die hun oorsprong vinden in de oudheid, maar daarmee hoeft haar oorsprong daar nog niet te liggen. De vrijmetselarij gebruikt de bouwsymboliek gebaseerd op de oude lodges, maar ook dat verklaart haar oorsprong niet. In mijn visie is de vrijmetselarij zoals wij die nu beoefenen voortgekomen uit de tijdgeest van de Verlichting en werd voor het eerst in 1717 in Londen georganiseerd.

Geschiedenis van de Vrijmetselarij in Nederland
Vanuit Londen waaierde de vrijmetselarij zich uit over de, vooral vrije, wereld, zo ook naar Nederland. In Nederland werd in 1734 de eerste loge opgericht. Dat gebeurde in het logement Lion d’Or. Het latere House of Lords, dat in 1986 werd afgebroken en plaats moest maken voor de nieuwbouw van de Tweede kamer.
Spoedig volgden nog negen loges en in 1756 kwamen deze loges bij elkaar om een “Groote Loge” op te richten, en wat nu “Het Grootoosten der Nederlanden” heet. De Nederlandse loges hadden hiermee hun eigen Orde in het leven geroepen, zelfstandig van Londen maar wel door Londen erkend.
Ook in Nederland verliep de ontwikkeling niet gemakkelijk. Verdacht van Oranjegezindheid, werden de loges al spoedig door de patriottische Staten van Holland verboden. Men vond het vreemd en verdacht dat mannen van verschillende politieke signatuur en kerkelijke gezindheid zich in één loge verenigden. De vrijmetselarij herleefde echter in 1744, na herstel van het stadhouderschap.
In 1940 werd de orde door de Duitse bezetters tot een verboden vereniging verklaard. Na de oorlog herleefde de vrijmetselarij en nam zij door repatriëring vanuit Indië sterk toe, met name in Den Haag.
Mijn loge L’Union Frédéric is één van de 14 Haagse loges. Zij is opgericht in 1914. Dus, over vier jaar hopen wij ons 100 jarig bestaan te vieren.

Rudolph Kroon

lees ook: hoe word je lid

dinsdag 16 november 2010

Waarom zou je vrijmetselaar worden.

Ja, goede vraag; waarom zou je? Er zijn maar een kleine 7000 vrijmetselaars in Nederland. Dus slechts enkelen op de totale bevolking hebben de stap genomen om aan te kloppen aan onze Tempelpoort om tot vrijmetselaar te worden ingewijd. Waar ligt dat aan? Heeft de vrijmetselarij dan voor zo weinig mensen iets te bieden? Voelen mensen zich niet aangetrokken tot de vrijmetselarij?

Ik weet voor mijzelf wel zeker dat de vrijmetselarij mij de afgelopen 21 jaar veel gebracht heeft. Eigenlijk was ik al vrijmetselaar zonder het te weten. Ik was en ben eigenwijs, een vrijdenker die voelde, zoals zo veel mensen, dat er meer moet zijn tussen hemel en aarde. Maar wat? En hoe kom ik daar achter? Dogmatische ideeën, leerstellingen van kerken wilde ik niet overnemen. Die zijn mij niet “eigen”. Ik wilde per sé zelf op zoek. Niet de gemakkelijkste weg overigens, maar ik kon niet anders. Ik kan toch alleen maar mijn eigen weg zoeken, mijn eigen positie bepalen tov mijzelf, de samenleving en tov het goddelijke, het scheppende of hoe u het maar wilt noemen. 

De vrijmetselarij bood en biedt mij nog steeds een methode, het instrumentarium om zelf die weg te gaan. Of ik nou katholiek, protestant, jood of moslim zou zijn of bij geen enkele kerk aangesloten was, ik was welkom. De vrijmetselarij bood mij een vrijplaats om mijn weg te vervolgen, maar nu volgens een specifieke en inspirerende methode: rituelen en symbolen enerzijds en anderzijds de open gedachtewisselingen met mensen die hoe verschillend dan ook, allemaal vrij zijn, of proberen te zijn, van dogma’s, tolerant zijn tov andere denkbeelden en elkaar vinden in de gemeenschappelijke drive het Licht in ons en in elkaar te zien, in het streven een beter mens te worden en de samenleving beter te maken, al verschillen we over de vraag wat “beter” is.

De vrijmetselaar oefent zich dan ook in tolerantie, in verdraagzaamheid, in het sluiten van vriendschappen. Kortom, in het vormen van een wereldwijde broederketen, niet alleen met broeder vrijmetselaren, maar liefst met alle mensen.
Daarvoor is het allereerst nodig jezelf goed te kennen (ken Uzelve), de struikelblokken in je zelf te ontdekken en weg te nemen. Zoals wij zeggen: de mens is een ruwe steen, maar in die ruwe steen bevindt zich de Zuivere Kubieke steen, het symbool van de Schoonheid, het symbool van je werkelijke zelf. Dit thema staat centraal in het leerlingenrituaal, de eerste graad.
 En deze Kubieke Steen laat zich beter inpassen in de muur van de te herbouwen Tempel der Schoonheid. Oftewel, hoe zuiverder, volmaakter de mens is, hoe meer hij voor de maatschappij kan betekenen. Iedere vrijmetselaar streeft naar een betere wereld, een betere maatschappij. De wijsheid, het inzicht dat je opdoet, heeft alleen werkelijke waarde als je daarmee wat doet in je omgeving, in de maatschappij. Daarom beëindigen wij onze bijeenkomsten ook met de zin: Keer terug naar het Westen (de maatschappij) en doe u daar kennen als vrijmetselaar. Dit thema staat centraal in het rituaal van de Gezel.
Tenslotte zoeken we naar het mysterie van het leven zelf, naar het goddelijke, naar het Licht, het spirituele of hoe u het wilt noemen. Dat thema staat in de meestergraad centraal.

De symbolen en ritualen zijn de verzinnebeelding van je innerlijk en helpen je op eigen wijze het hogere beginsel in je te zoeken. In deze Koninklijke Kunst heb ik mij de afgelopen 21 jaar beoefend. En ik zal overigens ook nog een lange weg te gaan hebben. Het einddoel heb ik niet scherp in beeld en zal ik ook niet bereiken, maar ik probeer wel mijn zoektocht bewust af te leggen. 

Ik realiseer mij dat dit wellicht wat wollig, wat idealistisch klinkt. Om een klein voorbeeld van één aspect te noemen om het wat concreter te maken, het volgende.  Als ik in mijzelf herken dat een ander, een collega bijvoorbeeld, in mijn allergie zit, en veelal ook andersom, herken ik dus een struikelblok in mijzelf. Ik heb daar last van, de ander heeft daar last van. Bewust probeer ik dan diegene open te benaderen en in hem te investeren. Dat vraagt innerlijke kracht. Hoewel het mij niet altijd lukt, bemerk ik toch vaak dat als je dat maar oprecht probeert, je vervolgens in een andere, betere relatie komt te staan met diegene. Niet alleen komt dat de relatie met die ander ten goede, maar je hebt ook jezelf weer wat beter leren kennen en een struikelblok in jezelf opgeruimd, de kubieke steen in je weer een beetje naar voren gehaald. Toch weer een klein beetje een beter mens geworden. 

Ik realiseer mij dat als u aan andere vrijmetselaren vraagt wat vrijmetselarij is en vooral wat het voor hun betekent, u steeds weer iets andere antwoorden zult krijgen. Waarom? Omdat wij allen anders in elkaar zitten. Wij ondernemen de bergwandeling naar de top die achter de wolken verscholen ligt, maar starten allemaal vanuit een ander punt waardoor wij verschillende obstakels onderweg te nemen hebben en mede daardoor andere interpretaties geven aan de ritualen en symbolen.
Zijn wij zo uniek? Nee, niet in ons doel, maar wel in onze methode. En ja, die methode spreekt de een wel en de ander niet aan.

Maar terugkomend op de vraag waarom er relatief zo weinig vrijmetselaren zijn, moet ik zelf ook een beetje raden. Belangrijkste reden is naar mijn idee, dat de vrijmetselarij van oudsher niet veel naar buiten treedt en ook over het algemeen niet actief nieuwe leden werft. Zij treedt niet veel naar buiten omdat de vrijmetselarij als organisatie geen inhoudelijke mening heeft over bijvoorbeeld maatschappelijke of religieuze onderwerpen. Individuele vrijmetselaren hebben wel hun eigen ideeën. Niet de vrijmetselarij als organisatie treedt naar buiten, maar de individuele vrijmetselaar. Iedere bijeenkomst wordt – zoals ik daarnet zei - afgesloten met de oproep: keert terug naar het Westen (de maatschappij) en doet u daar kennen als vrijmetselaar (dus op uw eigen wijze).
 En actieve ledenwerving is binnen de vrijmetselarij omstreden omdat wij niet aan “zieltjes winnen” doen, wij willen niet bekeren. Immers, bekeren tot wat!? Wij vinden dat het aspirant-lid uit innerlijk verlangen aan onze Tempelpoort dient aan te kloppen. Anderen, waaronder ik, zijn van mening dat als je niet communiceert over wat de vrijmetselarij is en te bieden heeft, iemand niet uit dat innerlijk verlangen bij je kan/zal aankloppen.
Nadeel van een gesloten houding is dat geheimzinnigheid ontstaat. Een geheimzinnigheid die, naar mijn overtuiging niet productief is. Het kan mensen naar de vrijmetselarij leiden die een geheim willen ontdekken dat er niet is en dus om de verkeerde reden toetreden. Geheimzinnigheid leidt ook gemakkelijk tot rare onzinverhalen over de vrijmetselarij, wat afkeer van toetreding tot gevolg kan hebben. Dat is dan eigenlijk jammer.
Eigenlijk zou je veronderstellen dat juist in deze tijd, waarin kerken leeglopen omdat mensen niet meer blind het kerkelijk gezag willen volgen, een tijd waarin de samenleving meer fragmenteert en oppervlakkiger wordt, juist meer mensen zoeken naar mysterie, spiritualiteit en verbeelding. De Vrijmetselarij is dan een goed alternatief voor diegene die zich afvraagt of er meer is tussen hemel en aarde en die op zoek is naar het geheim in hemzelf en naar een voor hem juiste levenshouding.

Webmaster
2010

Avond voor belangstellenden
L'Union Frédéric
zie ook: Hoe word je lid

donderdag 4 november 2010

Gisteren gevisiteerd bij de Achtbare Loge Fraternité in Almelo



Vrijmetselaren visiteren binnen de wereldwijde broederschap. Wat is eigenlijk visiteren? Het is gewoon een mooi woord voor bezoeken. Als je visiteert dan ga je, zoals wij zeggen, deelnemen aan de arbeid in die loge. In elke loge, waar ook ter wereld, ben je als vrijmetselaar altijd welkom en voel je je direct thuis.

Gisteren heb ik gevisiteerd bij de Achtbare Loge Fraternité in Almelo. En als altijd, werd ik hartelijk en gastvrij ontvangen. Een broeder, Leerling vrijmetselaar, die ik tot dan toe uitsluitend via twitter kende, werd gisteren tijdens een rituele bijeenkomst bevorderd tot Gezel. Binnen de vrijmetselarij wordt de Profaan (degene die lid wil worden) eerst ingewijd tot Leerling en na ongeveer een jaar bevorderd tot Gezel en weer een jaar later verheven tot Meester Vrijmetselaar.

Maar goed, gisteren was het dus een Gezellenbevordering. Is het Leerlingenrituaal vooral gericht op het werken aan de Ruwe Steen, aan jezelf, aan het Ken Uzelve, de Gezellengraad is gericht op de maatschappij, op de buitenwereld, aan het werken aan een mooiere samenleving. De ritualen bieden je de werktuigen om daaraan te werken. Maar wat een beter mens is en wat een mooiere samenleving is, is ter bepaling van iedere vrijmetselaar afzonderlijk. Iedere vrijmetselaar bepaalt zelf welke weg hij wil bewandelen.

Na de rituele bevordering hebben we gemeenschappelijk gegeten en gedronken, het Broedermaal, en daar staat de gezelligheid voorop.
Al met al werd het 24.00 uur en kon ik nog een kleine twee uur terugrijden voor ik weer thuis was in Alphen a/d Rijn. De moeite van de reis was het meer dan waard.

dinsdag 2 november 2010

Heeft de vrijmetselarij geheimen?


( Tekst ontleend aan de website van  de Achtbare Loge De Noorderkroon te Alkmaar.)



De Vrijmetselarij is een besloten genootschap met een beperkt aantal geheimen. Zo worden de teksten van rituelen alleen aan leden bekend gemaakt. Het effect van een inwijding zou vrijwel geheel weggenomen zijn als de kandidaat al precies wist wat er te gebeuren staat. In het verleden zijn Vrijmetselaren vaak vervolgd (in ons land b.v. tijdens de Duitse bezetting) en zijn samenkomsten verboden. De nadruk op de eigen verantwoordelijkheid en keuzevrijheid staat op gespannen voet met een regime (of dat nu wereldlijk ofwel kerkelijk is), dat geen ruimte biedt aan persoonlijke interpretatie en handeling. Iets dat verboden wordt krijgt al vaak iets geheimzinnigs.
Mogelijk hangt er ook een waas van geheimzinnigheid om de Vrijmetselarij door het gebruik van symbolen (dat mogelijk een associatie met magie oproept) en de gebruikmaking van het gedachtegoed uit het oude China, India en Egypte en meer recent het door de Kerk sterk vervolgde Gnosticisme dat in de eerste eeuwen van onze jaartelling een belangrijk stempel op het Christendom had gedrukt.
Met dit gedachtegoed wordt de zoekende mens binnen de Vrijmetselarij op subtiele wijze geconfronteerd en voor velen is dat een wat minder bekend terrein en alleen al daardoor geheimzinnig. Degenen die verwachten een leerschool in de mystiek te doorlopen, komen bedrogen uit. Bij een goed uitgevoerde plechtige bijeenkomst, waar iedereen passief dan wel actief aan deelneemt, kan het echter goed zijn dat de deelnemer een mystieke ervaring heeft.
Maar deze is dan steeds van persoonlijke aard. De Vrijmetselarij is in zoverre als esoterisch te beschouwen, dat haar stelsel van gebruiken en symbolen met een specifieke inhoud aan lang bestaande ideeën gekoppeld worden en daardoor een geladenheid meekrijgen, die voor buitenstaanders moeilijk te doorgronden is. Dat eeuwenoude gedachtegoed wordt door training en inwijding toegankelijker; dat zou men esoterisch kunnen noemen.

Wat betekenen passer en winkelhaak?

In rouwadvertenties, op sommige gebouwen en op andere plaatsen komt men het symbool van een geopende passer met daaroverheen een winkelhaak tegen.

Dit symbool legt zowel een verband met de Bouwsymboliek als met de geometrie en wordt naar buiten toe als ons logo gehanteerd. Alleen al over dit symbool is een zinnig boek te schrijven. Het kan met het gehele essentiële gedachtegoed van de Vrijmetselarij verbonden worden en neemt daardoor een belangrijke plaats in.


Wat is de betekenis van de symbolen en de rituelen?
Het verschil tussen een pictogram en een symbool is het feit dat een symbool niet alleen een figuur als zodanig is, maar ook een geheel eigen werking bezit. Bepaalde symbolen komen in vrijwel alle culturen door alle tijden heen voor en hebben een eigen zeggingskracht. Voorbeelden daarvan zijn een cirkel en een kruis. Op de een of andere manier zijn deze figuren voor alle mensen belangrijker dan andere.

Voor de Vrijmetselaar maken de gehanteerde symbolen het onzegbare zegbaar, het onhoorbare hoorbaar en het onzichtbare zichtbaar. Men kan ook zeggen dat de symbolen door hun werking onbewuste kennis en inzichten naar een bewust niveau transformeren. Deze symbolen worden in een rituaal verwerkt. Dat is de tekst en de vastlegging van het verloop van een plechtige bijeenkomst.

Naast de tekst zijn ook handelingen en het gebruik van muziek en volledige stilte ingrediënten waarmee deze plechtigheden door de jaren heen indrukwekkend blijven. Bij de uitvoering van een ritueel is iedereen ook plechtig in zwart met wit gekleed. Een bijkomend effect is, dat er geen onderscheid in rangen en standen meer zichtbaar is.

Door het zwart en wit wordt de dualiteit van het wereldlijke Zijn bevestigd. In een ritueel zijn vaak meerdere lagen ingebouwd, waardoor de zich ontwikkelende mens steeds nieuwe inzichten krijgt aangereikt. Daardoor blijft deelname aan een ritueel ook na tientallen jaren verfrissend en soms ook verrassend. Het ritueel vertelt een verhaal dat op een persoonlijke manier betekenis krijgt.

Het gebruik van symbolen en rituelen is zo oud als de mensheid en komt in allerlei culturen voor. Binnen de Vrijmetselarij wordt het doelbewust gehanteerd om het proces van verdere bewustwording te stimuleren, zonder de persoonlijke vrijheid te beknotten. Het is als het aanbieden van een fruitmand, waaruit een ieder datgene kan kiezen dat hem op dat moment het meest bekoort.